Op 4 maart 1993 kwamen tijdens het machinaal afschrapen van de wegzate tussen de kerk en de pastorie voor de heraanleg van het plein een aantal glasscherven aan het licht. Al vrij vlug werd duidelijk dat er zich op die plek een afvalkuil uit de19de eeuw bevond. Deze kuil bevatte tientallen gebroken wijnflessen, 13 stenen mineraalwaterkruiken, een bierglas, een braadslede, een kleipijp, diverse aardewerkscherven, oesters en een schotel met slibversiering. In de periode 1850-1900 volgden verschillende pastoors elkaar op: Cuypers (1840-1856), Gaethofs (1856-1860), Van Den Hove (1860-1871), B. Geukens (1871-1877), Keesen (1877-1895) en R. Geukens (1894-1906). Een mineraalwaterkruik en de braadslede uit deze afvalkuil werden eerder al gepubliceerd op de website, zie:

http://testavzw.be/pastoor-keesen-bakte-ze-bruin-de-boeksherringe/

http://testavzw.be/dronken-de-looise-pastoors-in-de-19de-eeuw-mineraalwater-of-jenever/

Schotel met slibversiering

De schotel werd gemaakt van roodbakkend aardewerk en heeft een standvlak met een diameter van 140 mm. De onderzijde werd niet geglazuurd. De bovenzijde werd bedekt met een witte slibpap waarop een bruine versiering werd aangebracht. Als laatste handeling werd de schotel bedekt met transparante loodglazuur. Hierdoor werd de witte slibpap lichtgeel van kleur. Op de vlag bestaat de versiering uit stippen tussen twee concentrische cirkels. Op de spiegel werd een krulversiering aangebracht en meer naar het midden is een brede cirkel te zien met daarin vermoedelijk meerdere steeds kleiner wordende cirkels of een ander centraal motief of een figuur. De schotel met slibversiering werd gerestaureerd door René Clonen, Testalid. Ook de uitstekende foto’s bij dit bericht, werden door hem genomen.

Afmetingen: de diameter is 287 en de hoogte is 56/58 mm.

Bron:

S.Panis, Archaeologia Regionis, tijdschrift Testa vzw, 1994, 3, p. 37-41.