Na de Slag der Zilveren Helmen werden 2.200 Belgische militairen en 12 kanonnen van het type 75 mm opgesteld rond de stad Tienen om het Duitse leger te stoppen. Op 18 augustus 1914, de dag van de aanval, kon het Duitse leger de Belgen al verjagen. De Duitsers beschikten over vliegtuigen die de ligging van de Belgische batterijen verraadden. Hierdoor konden een aantal artilleristen samen met de paarden al uitgeschakeld worden. Er sneuvelden tijdens de slag 295 Belgische militairen, velen waren gewond en nog meer soldaten werden krijggevangen gemaakt.

Het woord ‘Fourrages’ werd vóór de 20ste eeuw geschreven met één letter r. Het Nederlandse woord ‘foerage’ betekent in eerste instantie ‘veevoeder’, meestal wordt er hooi en stro voor paarden mee bedoeld. Het gevonden loodje werd waarschijnlijk gebruikt om de zakken voer voor de paarden, die de kanonnen moesten trekken, te verzegelen.

PPV 00722

Op de voorzijde van het verzegellood staat in de rand binnen een kabelcirkel de tekst: ‘FOU..AGES MILITAIRES’. De woorden zijn van elkaar gescheiden door stippen. In het midden staat een zesbladig bloempje. Op de keerzijde staat in de rand binnen een kabelcirkel de tekst: ‘CAMP BEVERLOO’. De woorden zijn van elkaar gescheiden door stippen. In het midden staat het woord ‘DE’. Het loodje werd gevonden nabij Tienen en kan gelinkt worden aan de veldslag.