In 1915 werd een onderrichting uitgevaardigd om de vier Belgische legereenheden (infanterie, artillerie, cavalerie en genie) van elkaar te onderscheiden met kentekens. De infanterie kreeg een kenteken met twee gekruiste geweren, de artillerie met twee gekruiste kanonnen, de cavalerie met twee gekruiste lansen en de genie un casque antique vue de profil. Dit laatste kenteken stelt een Romeinse helm voor. Deze keuze was vermoedelijk te danken aan de uitstekende reputatie van de genietroepen, de fabri, van de Romeinen die gespecialiseerd waren in het bouwen van bruggen, aanvalswapens en dergelijke. Het kenteken werd gedragen op de epauletten, de kepie en de kraag. Er werden naar rechts en naar links georiënteerde kentekens vervaardigd. Ze bleven in gebruik tot na WO-II.

PPV 00568

Het kenteken, gemaakt van messing, stelt een Romeinse helm voor. Op de achterzijde, boven- en onderaan, zijn bevestigingsogen voorzien. Afmetingen: 21 x 31,2 x 1,7 mm.

PPV 00569

Het kenteken, gemaakt van messing, stelt een Romeinse helm voor. Op de achterzijde is bovenaan een bevestigingsoog voorzien. Afmetingen: 15,1 x 23,2 x 2,5 mm.