Van objecten die gemaakt worden om bewust vernield te worden, zoals schiettentattributen, blijven zelden volledige exemplaren bewaard. Restanten van dergelijke objecten worden wel gevonden op akkers. Dikwijls maken ze dan deel uit van een ensemble. Toch kunnen sporadisch op rommelmarkten nog schiettentattributen voor een habbekrats gekocht worden. Meestal weet de verkoper niet waarvoor het object diende of uit welke periode het dateert. Zeker al na de Eerste Wereldoorlog werden schiettenten op kermissen geplaatst. In deze eerste periode kon geschoten worden op ‘Pruisen’, ‘naakte pissende kinderen’, kleipijpen en andere beeldjes. De diverse pijpencatalogi uit die periode laten hier geen twijfel over bestaan en vermelden verschillende schiettentattributen. Een locatie waar met zekerheid schiettentattibuten werden gemaakt is Andenne. Kleipijpenmakers van Andenne die ze maakten zijn:

Ernest Léonard: 1932-1954

Jules Léonard: 1954- 1989

Pascal Léonard: 1989 – 2008

Wat betreft de olifant, het konijn en de pijp is het vrijwel zeker dat deze afkomstig zijn van de pijpenmakerij van Pascal Léonard in Andenne of diens voorganger Jules Léonard, waarvan hij de mallen overgenomen heeft.

Met dank aan de heer Ruud Stam, voorzitter van de Pijpelogische Kring Nederland.

VAR 00116

Een beeldje van een olifant werd samen met ‘huppelende’ konijntjes gebruikt op een horizontale transportband in de schiettent. De tweezijdig gemouleerde olifant, gemaakt van witte pijpaarde, is minimaal afgewerkt: kleine oren, ogen, slagtanden en tenen werden voorzien. Een staart ontbreekt en de slurf reikt tot aan de voorste poten waarin langs de onderzijde een gaatje werd gemaakt om de olifant op de pin te plaatsen. Afmetingen: 69,5 x 57,3 x 8 mm.

VAR 00117

Het tweezijdig gemouleerde konijntje, gemaakt van witte pijpaarde, legt de oren in de nek. Het neusje en de ogen zijn afgebeeld, maar ook de teennagels. De pels wordt gesimuleerd door korte fijne streepjes. Het konijntje ‘rust’ op een staander waarin een gaatje werd gemaakt om op de pin te plaatsen. Afmetingen: 73 x 49 x 15 mm.

VAR 00118

Het naakt pissend kind is gemaakt van lichtgele klei. Het is dubbel gemouleerd. Het kind plaatst de rechterhand in de zijde. In de linkerhand houdt het zijn geslachtsdeel vast waarbij de ‘ballen’ onder de hand hangen. Het beeldje is ruw afgewerkt, buikje, borstjes en knieën zijn geprononceerd weergegeven. Ook de voetjes ontbreken niet. Het gezicht is uitermate lelijk te noemen. In de sokkel is een gaatje voorzien om het beeldje op een pin te plaatsen. Dit beeldje werd de ganse 20ste eeuw gebruikt. Afmetingen: 80 x 27 x 18,5 mm.

VAR 00119

Een rond schietschijfje, gemaakt van witte pijpaarde, heeft 8 lobben. Afmetingen: 47 x 4,8 mm.

VAR 00120

Een korte kleipijp, gemaakt van witte pijpaarde, heeft 18 smalle lobben als versiering. De kleipijp kan niet gerookt worden omdat er geen verbinding is tussen steel en ketel. De bovenrand werd afgewerkt met een concentrische band. Afmetingen: 119,2 x 35,3 x 21,8 mm.

VAR 00121

Een cilindervormige buis, gemaakt van witte pijpaarde, in de regionale volksmond ‘pepke’ genoemd heeft als afmetingen: 77,5 x 13 mm. Deze ‘pepkes’ worden nog steeds benut in de schiettenten. Er is een verhaal dat sommige foorkramers deze pepkes voor de opening van de tent in het water dompelden zodat ze moeilijker kapot te schieten waren.