Met het oog op de verkaveling van het terrein met als toponiem ‘De Wildernis’, gelegen te Tessenderlo, werd in 2010 een archeologisch vooronderzoek voorzien. Aanleiding van dit onderzoek was de vondst van enkele tientallen Gallo-Romeinse scherven op de diverse akkers in de jaren ’80 van vorige eeuw. Op dit ogenblik is de site bijna volledig volgebouwd. Het gemeentebestuur gaf de woonwijk de naam ‘Stemberg’. Het archeologisch vooronderzoek bestond uit het trekken van een vijftal noordzuid georiënteerde sleuven over de ganse lengte van de verkaveling. Helaas werd er helemaal niets gevonden in deze sleuven. De scherven, afkomstig van het prospectieonderzoek, werden door specialisten van het PGRM gedateerd tussen 180 en 220 na Christus. Fragmenten van kookpotten, een beker, een kom, een wrijfschaal en een amfoor konden gedetermineerd worden. Na de dood van keizer Severus in 235 verzwakte de Romeinse grensverdediging. De Germaanse stammen profiteerden hiervan om rooftochten te ondernemen binnen de Romeinse grenzen. Wellicht werd ook de villa in Tessenderlo prooi van de plunderende Germanen. Het toponiem ‘Wildernis’ komt voor vanaf de 13de/14de eeuw. Het is afgeleid van een oud Germaans woord en betekent ‘onbebouwde grond of met ruigte begroeid land’.