1896: twee modellen van oormerken

Het reglement van 15 juli 1896 regelde voor de eerste keer het merken van runderen. Aanleiding was het ingevoerd vee dat onvoldoende kon gecontroleerd worden, door het bedrog en het smokkelen, op besmettelijke ziekten, zoals tuberculosis. Het ministerieel besluit, dat ondermeer het model van de merken regelde, volgde op 17 juli. Twee modellen van oormerken werden voorzien. Deze oormerken zijn eigenlijk grote revetten, die uit twee plaatjes bestaan waarop in het midden een kort buisje, het ene dikker dan het andere, staat. Met een tang worden beide buisjes over elkaar gedrukt en door het oor van het rund geklikt. De voordelen van het aanbrengen van Le marquage du bétail worden uitvoerig beschreven in het Journal d’Ypres van 7 november 1896. Enkele opgesomde voordelen: het rund zal altijd herkend worden, fraude is onmogelijk, de verkoop van runderen met tbc zal moeilijk worden, de veearts zal onmiddellijk kunnen zien vanwaar een ziek dier afkomstig is en de diefstal van runderen zal stoppen. Verder meldt de krant dat ieder dier dat geen oormerk draagt wordt aanzien als een frauduleus dier. Omwille van praktische redenen noemen we de twee modellen A en B.

Model A: voor de dieren, het land ingevoerd te rekenen van 20 augustus 1896

Op de ronde mannelijke zijde, met een diameter van 24 mm en gemaakt van geel koper, van het oormerk staat een heraldieken leeuw (18 mm) naar links. De leeuw wordt nader gebracht bij het bovendeel van den stempel, m.a.w. de leeuw staat dichter bij de bovenrand dan bij de onderrand. Op deze zijde zit een buisje van 8 mm hoog dat een cirkelvormige opening heeft van 9 mm. Onder den leeuw wordt met den ijkstempel den naam gezet van het bureel van invoer.

De vrouwelijke zijde is gemaakt van rood koper en heeft een vierkanten vorm en afgeronde hoeken met zijden van 23 mm. Op deze zijde staat de datum van de invoer van het dier. Links staat de dag in Arabische cijfers, rechts de maand in Romeinsche letters (I tot XII) en onderaan de eenheid en het tiental van het jaar. Bovenaan staat het volgnummer van den inventaris der tuberculinatie, gehouden door den veearts van sanitair onderzoek.

Model B: voor de dieren (van ten minste 3 maanden oud) die in het land zijn vóór den 25n Augustus, of er na dien datum geboren zijn

De ronde mannelijke zijde is identiek aan die van model A behalve dat de leeuw centraal,  op gelijken afstand van den bovenrand en den onderrand der zijde, werd geplaatst zodat er geen ruimte meer is om tekst te plaatsen.

De ronde vrouwelijke zijde is gemaakt van geel koper en heeft een diameter van 24 mm. Bovenaan staat een nummer dat overeenstemt met het volgnummer van den agent-merker. Dit nummer bestaat uit drie cijfers. Onderaan staat het volgnummer opgeschreven in het inventarisboekje van den agent-merker. De volgnummers van het inventarisboekje, voor elke agent-merker loopen van 0000 tot 9999.

De tweede generatie oormerken

Bij de gevonden oormerken zijn een aantal oormerken die een andere vormgeving hebben. Het ministerieel besluit ter zake werd nog niet teruggevonden. Hopelijk wordt het ‘oude’ Belgisch Staatsblad ooit gedigitaliseerd zodat opzoeken gemakkelijk wordt. Vermoedelijk dateert dit MB nog van vóór 1914 en wijzigt het enkel de mannelijke zijde van het oormerk. De veronderstelling is dat de wijziging er gekomen is om praktische redenen. Er werd afgestapt van de ‘grote’ heraldische leeuw en in de plaats werden kleine leeuwtjes voorzien die gemakkelijker aan te brengen zijn en bovendien komt er meer plaats vrij voor de naam van de gemeente van invoer. We noemen deze twee ‘nieuwe’ modellen van oormerken C en D.

Model C: voor de dieren die ingevoerd worden

Op de ronde mannelijke zijde, met een diameter van 24 mm en gemaakt van messing, van het oormerk staat bovenaan een kroon die in de rand geflankeerd wordt door twee kleine heraldische leeuwtjes naar rechts. Onderaan staat de naam van de gemeente van invoer.

Model D: voor inlandse dieren

Op de ronde mannelijke zijde, met een diameter van 24 mm en gemaakt van messing, van het oormerk staat bovenaan een kroon. Links, rechts en onderaan staan in de rand kleine heraldische leeuwtjes naar rechts.

Tabel met de gevonden oormerken

Helaas zijn de namen van de agent-merkers niet bekend. Aan de hand van de vindplaats is het mogelijk de naam van de gemeente te koppelen aan het nummer van de agent-merker, waar hij dus actief zou kunnen geweest zijn. Ook de eigenaars van de runderen, gerelateerd aan het volgnummer, zouden kunnen gevonden worden in het gemeentearchief waar de agent-merker actief was.

nr. agent-merker volgnummer vindplaats
089 6583 Tessenderlo
094 6334 Halen
139 4029 Scherpenheuvel-Zichem
139 4105 Scherpenheuvel-Zichem
139 5298 Scherpenheuvel-Zichem