Olielampjes in de vorm van een klein schaaltje met een gietsnebje, of beter uitgedrukt wieksnebje, werden massaal vervaardigd in Raeren in de 16de eeuw. Als brandstof werd raap – of koolzaadolie gebruikt. De wiek werd in de uitsparing (vast)gelegd. In een woning stonden meerdere lampjes opgesteld. De afmetingen van de lampjes werden als volgt genomen: maximale breedte x diameter x maximale hoogte. Alle drie zijn ze gemaakt van steengoed, bruin van kleur en bedekt met zoutglazuur.

Zie ook: http://testavzw.be/een-oliekruikje-voor-raapzaad-of-koolzaadolie-uit-de-16de-eeuw/