Het kleipijpje werd/wordt in het Westerwald in Duitsland gemaakt om het mee te laten bakken in een zoet krentenbrood dat de vorm had/heeft van een mannetje. In Duitsland wordt dit brood ‘Weckmann’, genoemd, in Nederland ‘Wekkeman’. Het brood wordt nog steeds tijdens feestdagen gegeven, zoals met Nieuwjaar, Sinterklaas of Sint Maarten. Het is een eeuwenoude traditie, in de 16de eeuw werden hiervoor kleine naakte Jezuskinderen en patakons gebruikt die eveneens van witte klei waren gemaakt. In sommige gemeenten werd de vorm later beperkt tot een koek zonder toevoeging van een kleiobject, zoals in Tessenderlo waar de ‘Looise maankoek’ wordt gemaakt. Beter bekend zijn de Limburgse ‘Mikkemannen’: mikkemannen zijn zoete broodjes die min of meer in de vorm van een man gemaakt zijn. De term ‘mik’ komt van het Latijnse ‘mica’, wat kruimel betekent, later werd mik gebruikt om wit luxebrood, het zogenaamde ‘melkmik’, aan te duiden. In Hasselt feest men met ‘vinstermiekes’ en ‘vinsterpiekes’.
Met dank aan de heer Ruud Stam, voorzitter van de Pijpelogische Kring Nederland, voor de informatie over het kleipijpje.
Bron: H. Bächthold-Stäubli e.a. (ed.),  Handwörterbuch des deutschen Aberglauben. Band 9 Waage-Zypresse Nachträge,  Berlin 1941, kol. 203-214

Zie ook:
http://testavzw.be/heiligenbeeldjes-werden-gemaakt-van-witbakkende-pijpaarde/
http://testavzw.be/patacons-zeldzame-en-mysterieuze-versiering-van-feestgebak/
http://testavzw.be/naakt-jezuskind-en-gebusseld-jezuskind-gebakken-in-een-feestbrood/

VAR 00308

Het kleipijpje is gemaakt van zeer witbakkende klei. De steel is licht gebogen en is rondom versierd met horizontale lijnen vanaf de ketel tot aan het mondstuk. Het rookkanaal reikt tot in de ketel, m.a.w. de kleipijp is functioneel. De ketel heeft bilateraal dezelfde grove versiering namelijk een mannetje met een hoedje dat lijkt op  een puntmuts. Het mannetje houdt een wandelstok vast en draagt een zak op de rug. Voor het overige is de ketel versierd met een patroon van korte streepjes en boogjes. Afmetingen: de lengte is 90 mm, de steel is 6 à 9 mm, de ketel is 30 mm hoog en 22 mm dik, de ketelopening is 14 mm en het rookkanaal 2 mm.