Gepolijste bijlen kunnen opmerkelijke kleine vormen hebben. De eerste gedachte die dan wordt geopperd is dat deze bijltjes onmogelijk kunnen gediend hebben om te hakken. Meestal denken de archeologen dan aan een rituele functie. Toch kan het gebruik als hakinstrument niet uitgesloten worden. Deze veronderstelling zou door de vondst van dit bijl kunnen gestaafd worden. Rituele bijlen zouden immers geen beschadigingen mogen hebben op de snede vermits ze niet gebruikt werden. Dit bijltje is gemaakt van een lichtbruin tot bruin gesteente lijkend op wommersomkwartsiet. Het gesteente heeft een zeer fijne textuur en korrelgrootte gelijkend op fijnkorrelige zandsteen of kwartsiet. De herkomst moet allicht (onder voorbehoud) in de Ardennen worden gezocht. De bijl vertoont ettelijke kleine retouches op de snede, bovendien zijn deze grotendeels eenzijdig op de snede ontstaan en niet afkomstig van het contact met landbouwmachines. Dit zou kunnen wijzen op het gebruik als dissel. Afmetingen: 64 x 45,2 x 20,9 mm. Het voorwerp wordt bewaard door de vinder, Richard Jamar.