De uitdrukking ‘gotiek’ is afgeleid van de naam van een Germaanse volksstam: de Goten, die volgens de traditie, moordend en plunderend door Europa raasden. De naam ‘gotiek’ werd pas in de 16de eeuw gegeven aan een kunststijl die men barbaars vond in vergelijking met de oudere romaanse kunst. De gotische bouw- en kunststijl situeert zich tussen het midden van de 12de en het begin van de 16de eeuw. Drie periodes worden onderscheiden: vroeggotiek (1140-1200), hooggotiek (1200-1300) en laatgotiek (1300-1500) waarbij de versieringen steeds ingewikkelder worden. Een ‘vierpas’ is een geometrische vorm waarbij vier overlappende cirkels in een vierhoek liggen en open zijn aan de kant waar ze elkaar raken. Een vierpas werd vaak gebruikt in gotische vensters maar ook als versiering van andere voorwerpen zoals sleutels en munten.

PPV 00750

De kop van de bronzen sleutel is versierd met een vierpas waarbij de drie passen, links, rechts en boven getopt worden door een bol. De toot, het puntig stukje waar de cirkels elkaar ontmoeten, is tamelijk puntig uitgevoerd. Het geheel is goed gegoten en afgewerkt. Als extra versiering werden onderaan de kop twee smalle horizontale banden voorzien. Daaronder volgt de baard die gelijkenissen vertoont met sleutels daterend in de 13de eeuw. Afmetingen: 48,3 x 34,3 x 4,9 mm.