De geschikte kwalitatieve vuursteen om ‘stenen’ bijlen te maken kon enkel gevonden worden door verticale schachten te graven in de krijtlagen. Wanneer de vuursteenlaag bereikt werd dan werd met een hak, gemaakt uit hertengewei, de laag verder horizontaal ontgonnen. In de beroemde prehistorische vuursteenmijnen van Spiennes in België werd ongeveer 6.000 jaar geleden gestart met de ontginning van vuursteen. Deze mijnbouw duurde ongeveer 1.800 jaar, gedurende deze periode werden een duizendtal putten gegraven. De schachten in België zijn vrij ondiep, ongeveer 11 meter, ten opzichte van sommige in Engeland die tot een diepte van 23 meter reiken. De opgedolven stukken vuursteen werden ruw in de vorm van een bijl gehouwen en verhandeld als halffabricaat.

PPV 00642

De bijl geeft een zeer goede indruk hoe de half afgewerkte bijlen er moeten uitgezien hebben omdat enkel de snede werd gepolijst. Het polijsten van de bijlen diende te gebeuren door de koper en was een tamelijk intensief werk. De snede, die nog scherp is en zeer goed werd gepolijst, is op een aantal plaatsen lichtbeschadigd, sommige beschadigingen zijn prehistorisch, andere recent. De oorspronkelijke grijze silex kreeg een lichtbruine tot bruinrode patina door het lange verblijf in een vochtige bodem. Afmetingen: 151,5 x 45,2 x 23,4 mm. De bijl werd gevonden in Diest en wordt bewaard bij de vinder, Richard Jamar.