Sommige families bezitten nog bidprentjes uit de 19de eeuw die generatie na generatie zorgvuldig bewaard werden. Heel wat exemplaren zijn in de loop der jaren echter verloren geraakt omdat er geen directe familie was of omdat ze tijdens een oorlog of een brand vernietigd werden. Sommige mensen hechtten er geen emotionele waarde aan waardoor ze in de vergetelheid raakten. Veel 19de-eeuwse bidprentjes die bewaard bleven, hebben dit vermoedelijk te danken aan het feit dat ze decennialang een vaste plek hadden tussen de bladen van een missaal of een bijbel als een soort bladwijzer. Zo’n oude bidprentje levert vaak heel wat persoonlijke gegevens op van de overledene. Tot diep in de 19de eeuw waren het vooral gegoeden die genoeg geld hadden om bidprentjes te laten drukken. De meeste mensen konden trouwens amper lezen en/of schrijven. Plaatselijke drukkers kochten meestal lege bidprentjes van grote gespecialiseerde drukkerijen aan. De familie van de overledene koos uit hun voorraad de meest geschikte bidprentjes. Daarna ging de plaatselijke drukker aan de slag om de keerzijde te drukken. Op die manier kon hij niet alleen snel werken maar kon hij ook een ruime keuze aan afbeeldingen aanbieden. Museum De Kelder bewaart heel wat van deze boeiende getuigen over de familiegeschiedenissen. Enkele ervan worden verder beschreven.

Genealogie SWOLFS-VOERMANS

Paulus Augustinus SWOLFS werd gedoopt op 19 februari 1779. Hij was de zoon van Dominicus Antonius Franciscus Josephus en Maria Elisabeth SMETS. Vader Dominicus was minstens sedert 1776 schout te Tessenderlo en werd ook tijdens de Franse periode in 1797 en in 1803 tot gemeenteraadslid benoemd. Zijn grootvader Michael Antonius was notaris en schout. Paulus, zelf waard van de herberg De Roos op de markt in Tessenderlo, huwde er in 1807 op 28 jarige leeftijd een eerste keer met de drie jaar oudere Joanna AERTNIJS (Aertnyes). Dit huwelijk bleef kinderloos. Paulus werd net zoals zijn vader, blijkbaar is er na bijna 200 jaar in de politiek nog niet veel veranderd, gemeenteraadslid in 1827 en nadien ook schepen. Hij werd in 1823 ook lid van het pas opgerichte ‘Bureau van Weldadigheid’, de voorloper van het huidige OCMW. Joanna overleed op 58-jarige leeftijd op 4 maart 1834. Paulus, die toen 55 jaar was, huwde 10 maanden later te Tessenderlo op 14 januari 1835 de 27-jarige Dina VOERMANS, geboren in 1807. Haar ouders waren landbouwers en haar vader, Joannes Hubertus, deed ook spandiensten voor de abdij van Averbode. Joannes schonk in 1835 12 are 32 ca aan zijn dochter Dina omdat haer broer en susters fransche taal hebben geleerd en zij niet. Haar moeder was Anna Catharina VANDEWEYER (Van de Wyer). Paulus en Dina kregen 7 kinderen, 2 dochters en 5 zonen. Dina overleed 18 juli 1871 op 64-jarige leeftijd na een korte ziekte. Ze was toen al 17 jaar weduwe. Haar man Paulus was al overleden op 6 januari 1854 op 74-jarige leeftijd.

Met dank aan Gaston Janse voor de genealogische informatie

Rouwprent Paulus Augustinus

Op de voorzijde van het rouwprentje staat binnen een rechthoekig zwart kader aan de linkerzijde een gekruisigde Christus op de berg Golgotha in de vorm van enkele rotsblokken waartussen een plant ontspruit die rond het bidprentje slingert. Rechts bevindt zich op de achtergrond een gestileerd zicht op Jeruzalem met onder meer de koepel van de Heilig Grafkerk. In het midden staat in zeer kleine letter een gebed om een ‘volle’ aflaat te bekomen, met de goedkeuring door paus Pius VII op 10 april 1821. Het gebed sluit af met de woorden van de profeet David: zy hebben myne handen en voeten doorboord, zy hebben alle meyne beenderen geteld. Op de keerzijde staat binnen een rechthoekige typografische kader, gevormd door bloemen, de naam PAULUS-AUGUSTINUS SWOLFS. We komen te weten dat hij SCHEPENEN DER GEMEENTE TESSENDERLO was en dat hij na een korte ziekte is overleden. Dan volgens zeven Bijbelcitaten onder meer: Hetgeen gy heden kunt doen, stelt het niet uyt tot morgen Eccl. 9.V.10. Onderaan staat de gebruikelijke afkorting R. I. P. Onderaan wordt de naam van de drukker vermeld: Te Diest, by Ad Havermans. De afmetingen zijn 70 x 110 mm.

Rouwprent Dina

Op de voorzijde van het bidprentje met een rand van machinale kant met bloemmotief en zwarte rand staat een floraal grafmonument met bovenaan een kruis en in het midden de tekst SPES UNICA LA COURONNE POUR LES VICTORIEUX RIP. Boven de tekst staat een medaillon met de Heilige Geest die neerdaalt in de vorm van een duif. Onder de duif staat het monogram van Maria en helemaal onderaan een hart. De medaillon rust op een open lauwerkrans. Op de plint staan drie vierkanten met, van links naar rechts: een kelk met hostie, een anker en een vlammend hart. Er onder staan de gegevens van de drukker van de voorzijde van het prentje: J. DOPTER et Cie à PARIS AVENUE DU MAINE, 21. Bovendien werd het nummer van de afbeelding vermeld: PL. 323. Helemaal onderaan staat dan nog een een tekst uit het Evangelie van Lucas (6.23): Soyez ravi de joie parce que récompense est grande dan les cieux, in het Nederlands vertaald: Wees blij want er wacht een grote beloning in de hemel. Op de keerzijde staat in zwarte tekst binnen een rechthoekig typografisch kader de naam MEJUFVROUW DIGNA VOERMANS waarbij de voornaam verkeerd werd gezet door de drukker die onderaan met naam wordt genoemd: C. De Winter te Diest. Bovenaan staat een kruis op een kleine voet. In de afscheidtekst wordt verwezen naar de heiligen Franciscus en Alphonsus. De afmetingen zijn 70 x 110 mm.

Bron:

Broeder Max, Tessenderlo, vroeger en nu, Kasterlee 1960

Familiedocument Daems Tessenderlo (in bezit LAD)